Chinees nieuwjaar en homoniemen

Een laowai (dit is: een niet-Chinees) die in China Chinees spreekt, ondervindt al snel het belang de woorden met de juiste toon uit te spreken. De Chinese taal heeft zoveel homoniemen die slechts kunnen gedifferentieerd worden dankzij de tonen. De ‘juiste toon’ zetten is dan ook een nachtmerrie voor beginners!

De Chinezen vinden het dan ook heel leuk om met homoniemen te spelen. Chinees nieuwjaar, in China 春节 chunjie (ook lentefestival genoemd),  is daar een mooi voorbeeld van.
Hier volgen enkele voorbeelden van lekkernijen die specifiek tijdens die periode worden bereid en dus tegelijk een woordspeling met een diepere betekenis inhouden.

  1. 饺jiao, knoedel en 交jiao overbrengen

In het noorden van China eet men 饺子 jiaozi op de laatste dag van het maanjaar en wel precies om middernacht. Het eten van de jiaozi rond dat uur van de nacht zou wel een specifieke betekenis hebben. In het oude China werd de dag ingedeeld in 12 periodes van 2 uur, twee shi  时 , en die hadden alle een specifieke benaming. De eerste periode was tussen 23:00 uur en 1:00 uur: de start van een nieuwe dag. Die periode werd 子时 zishi genoemd. 交 jiao betekent ‘overdragen’, dus het overdragen of het overbrengen van de ‘zi’. 交子 betekent hier dus dat het nieuwe jaar het oude jaar vervangt tijdens het eerste uur. Daarbij komt nog dat 交子 in de Songdynastie een munteenheid was. Geld! Rijkdom!
Met andere woorden het eten van jiaozi luidt het nieuwe jaar in en zal de familie geluk, overvloed en rijkdom brengen!

(zie ook mijn blog van 2 februari 2011: Van wilde tijger naar tam konijn.)

 

  1. 汤圆tangyuan, balletjes van kleefrijstbloem en 团圆 tuanyuan, familiereünie

Tangyuan is de naam van mijn blog! Want ik ben er dol op! Tangyuan zijn heerlijke balletjes gemaakt van kleefrijstbloem. Er zijn kleine en grote. De kleine hebben geen vulling, de grote hebben een vulling van pindakaas, zwarte sesam of rode bonenpasta…Ze worden traditioneel gegeten op het Lantaarnfestival. Dit valt op de veertiende dag van het nieuwe maanjaar en is een mooie afsluiter van de nieuwjaar roes.
De ronde balletjes in de ronde kom staan symbool voor de familiereünie

  1. 年糕 niangao, nieuwjaar cake en 年高 niangao, jaar hoger/beter

De Chinezen zeggen 年年高升 nian nian gao sheng wat betekent ‘ieder jaar hoger’. Wie zou dan neerkijken op zo een lekker dessertje gemaakt van kleefrijst?
Deze nieuwjaar cake wordt vooral in het zuiden van China gegeten.

  1. 鱼 yu, vis en 余 yu, overschot

年年有余 nian nian you yu betekent ‘ieder jaar is er vis’ maar natuurlijk ook ‘ieder jaar is er overschot’.

 

Dit zijn de voornaamste nieuwjaardissen, ze zijn geladen met symboliek en ze mogen zeker niet op de nieuwjaartafel ontbreken!!!!

Benmingnian 本命年

Ben je geboren in het jaar 1922, 1934,1946,1958,1970, 1982,1994 of nog 2006? Dan ben je van het jaar van de hond dat op 16 februari 2018 van start gaat en eindigt op 5 februari 2019. Een jaar lang is het jouw benmingnian, het jaar van je dierenriem dier! Wacht je een voorspoedig jaar?


In de traditionele Chinese mythologie wordt beweerd dat je dit jaar  犯太岁, dat je dit jaar fan taisui ofte dit jaar Tai Sui beledigt. Dit wil zeggen dat je 太岁Tai Sui, een ster tegenover Jupiter die om de twaalf jaar rond de aarde draait en tegelijk de God van het jaar is, kwelt. Tai Sui brengt dan ook ongeluk aan mensen in hun benmingnian… Slecht nieuws voor hen!

Maar…er is ook goed nieuws! Je kan ongeluk voorkomen door in je benmingnian een beroep te doen op tal van beschermende conventies die door generaties heen werden doorgegeven.
Eén van die conventies is het dragen van iets roods. De kleur rood brengt voorspoed en geeft moed. Rood ondergoed, sokken, sjaals en T-shirts doen het goed.


Mensen dragen ook graag jade dat bekend staat om ongeluk af te weren, of goud, een schild tegen slechte geesten; zowel een jade als een gouden juweel moeten met een rood lint verweven zijn. Belangrijk is dat die objecten je geschonken worden, je mag ze niet zelf kopen.

Maar de kers op de taart is een 太岁符taisuifu (een amulet in een klein rood papieren zakje) te kopen en het een heel jaar lang bij zich te houden. Het Tai Sui amulet zal worden verbrand net voor het nieuwe maanjaar.

Ben je van het jaar van de hond dan ben je nog net op tijd om aan familie en vrienden een rood kledingstuk of een met rood verweven jade of gouden juweeltje als geschenkje te vragen. Hurry!

Fat China!

Dikke Chinezen, wie had ooit gedacht dat dit zou kunnen bestaan? Tot voor drie decennia werd het Chinese volk beschouwd als het slankste volk ter wereld. Nu zou China op ’s werelds tweede plaats van obesitas staan! Het verschijnen van zo’n zestig miljoen obezen en driehonderd miljoen mensen met overgewicht is het gevolg van China’s economische boom. Het is de straf voor de verwestering van de levensstijl met haar fast food, auto’s (in plaats van fietsen), TV kijken enz.

In de jaren 1980 leed slechts 7 % van de Chinese bevolking aan zwaarlijvigheid, in 2002 steeg dit al naar 23%. Deze forse stijging gaf, in de grootsteden, aanleiding tot een campagne tegen obesitas: via voordrachten en gratis lichaamsonderzoeken hoopte de regering aan dit probleem te verhelpen maar tevergeefs.

Bij ons ziet men dikwijls obesitas bij de armen, in China is dit net omgekeerd. De begoede klasse spendeert meer geld aan bewerkte voedingsmiddelen zoals kant en klare maaltijden en fast food. Chinese Deliveroo’s draaien daar ongelooflijk goed, nog beter dan bij ons. De ‘white collars’ vinden het sjiek, modern en westers om via het nuttigen van industrieel bereide merkproducten hun internationale lijfstijl tentoon te stellen.
Voedselschandalen en snelle urbanisatie leidden tot het in ongenade vallen van voedselmarkten in open lucht en tot het succes van industriële producten. Deze producten zijn hygiënisch en veilig maar bevatten drie maal meer olie, zout en suiker dan home made gerechten.

Een andere belangrijke oorzaak van obesitas is de éen (nu twee) kind politiek. Het kind wordt dikwijls door de grootouders opgevoed daar de ouders het te druk hebben en de crèches in China schaars zijn; de ‘kleine keizer’ groeit op met zoete snacks en soft ijs, een compensatie voor de parentele afwezigheid…
De schoolkinderen hebben ook te weinig beweging: het dagelijks uurtje turnen of sporten wordt dikwijls vervangen door andere lessen. Chinezen zijn geobsedeerd door academische prestaties en offeren dus maar lichamelijke ontwikkeling op; voor velen is het maar tijdsverlies.
In China worden kinderen van 14-15 jaar reeds getroffen door type 2 diabetes! Terwijl  het in Europa onwettig is een fastfood uit te baten in de omgeving van een school, groeien McDonald’s en KFC’s er als paddenstoelen uit de grond!
Afslankcentra, vermageringspillen en wondermiddeltjes hebben nu ook hun intrede gedaan in het leven van de doorsnee Chinees. Maar diëtisten en nutritionisten zijn nog steeds schaars.
Hoe lang zal China haar mollige ‘keizertjes’ nog gelukkig kunnen maken?

“Enquêtes vagabondes”

In Parijs loopt een boeiende tentoonstelling over het leven en het oeuvre van Emile Guimet, de stichter van Frankrijks grootste museum gewijd aan Oost-Aziatische kunst.

Emile wordt geboren in 1838, in een rijke familie in Lyon. Zijn vader, Jean-Baptiste, een polytechnieker, specialiseerde in de scheikunde en stelde een chemische synthese van ultramarijn blauw poeder op punt; dit poeder zou het toen in gebruik blauwe poeder, verkregen door het malen van lapis-lazuli, vervangen. Een heel duur poeder dat 100 à 2500 keer meer kostte dan de uitvinding van Jean-Baptiste ! Dit zogenaamde ‘bleu Guimet’ werd niet alleen door schilders gebruikt maar werd ook aangewend voor het blauwen in wasserijen en voor het maken van papier. Deze uitvinding zou vader Guimet steenrijk maken…
In 1860 laat hij de zaak over aan zijn zoon Emile, industrieel en kunstverzamelaar. Dankzij vaders fortuin zal Emile verre reizen kunnen ondernemen, vooral naar het Verre Oosten vanwaar hij veel kunstvoorwerpen zal meebrengen…

In 1876 vindt Emile in de VS een vriend terug die hij vier jaar eerder heeft leren kennen, Félix Régamey (1844-1907). Het tweetal begint dan een lange reis naar Japan, China, Zuidoost Azië en Indië. Guimet is gepassioneerd door de godsdiensten van het Verre-Oosten en zoekt informaties bij geleerden en in boeddhistische kloosters. Ondertussen schetst Régamey de taferelen waarvan hij later schilderijen zal maken.

Dankzij deze reis zal het Musée National des Arts Aziatiques gesticht worden, eerst in Lyon en later in Parijs.
Guimets drang om de godsdiensten te begrijpen, maakt dat hij een buitengewoon boeddhistisch Pantheon zal meebrengen, dat deel uitmaakt van de vaste collectie van het museum.

De tentoonstelling is een harmonisch geheel van kunstobjecten en prachtige schilderijen die de wandeling van de bezoeker bijzonder aangenaam, sfeervol en verrijkend maakt.
Guimet en Régamey verdienen zeker de naam van ‘eerste toeristen van de moderne tijden’.

Enquêtes vagabondes- Le voyage illustré d’Emile Guimet loopt nog tot 12 maart 2018, in de Guimet natuurlijk!

Cry Woman   哭泣的女人

In 2003 zag ik op het jaarlijkse filmfestival in Brugge een aangrijpende film van Liu Bingjian, Cry Woman. Telkens als ik naar China ging, schuimde ik de DVD shops af op zoek naar dat pareltje: tevergeefs. Ik wist dat de film in China verboden is maar had al veel underground films in ‘gespecialiseerde winkels’ op de kop kunnen tikken. Maar van ‘kuqi de nüren’ had zelfs de meest alternatieve winkel nooit horen spreken…tot wanneer ik op de site van de Parijse boekwinkel Le Phénix de DVD eindelijk vond onder de ietwat ongelukkige naam ‘Les Larmes de Madame Wang’.

Ik bekeek de film een tweede maal en was nog meer opgetogen dan vroeger: dankzij mijn verblijven op platteland China had ik veel geleerd over de traditionele begrafenispraktijken.

De film Cry Woman gaat over een werkloze artieste die in de straten van Beijing CD’s en DVD’s in ’t zwart verkoopt. Af en toe gebruikt ze het dochtertje van haar buurvrouw als dekmantel om aan de politie te ontsnappen. Haar man, ook werkloos, verspilt de magere winsten van zijn vrouw tijdens eindeloze mah-jong spelen.
Op een dag loopt een spel mis en steekt Wangs man een andere speler een oog uit. Hij gaat onmiddellijk de gevangenis in en laat zijn vrouw achter met gokschulden en het buurmeisje van wie de ouders er van door waren om aan hun ellende te ontsnappen.
Wang verlaat Beijing en keert terug naar haar geboortedorp in Guizhou waar ze de hulp inroept van haar vroegere vriend, Youming. Youming stelt haar voor om een professionele klaagvrouw te worden tijdens begrafenisceremonies…

Klaagvrouwen zingen wanhopig aan het sterfbed van doden. Ze worden in dienst genomen door de familie zonder dat ze de overledene ooit gekend hebben. Ze moeten droefheid en berouw veinzen. Ze moeten dus goed kunnen simuleren: hoe beter ze dat doen hoe meer ze daarvoor zullen verdienen. Deze praktijk van twijfelachtige ethiek is in China sinds heel lang in zwang. Hoe meer men over de doden rouwt des te meer men eer en waardigheid oogst. Mevrouw Wang wordt heel snel meester in de simulatie…

Liu Bingjian (°1963) behoort tot de nieuwe stroming van ultra-realistische filmmakers. De hoofdrollen, Wang en Youming, worden meesterlijk vertolkt door niet-professionele acteurs. Dit sociaal realisme viel niet in de smaak van de Chinese censuur die de film in China verbood.
Een film die het waard is snel  bekeken te worden niet in het minst voor het zeer aangrijpende einde!

 

Beijing trekpleisters in karakters omgezet

Chinese karakters zijn groot in aantal: het woordenboek Hanyu da zidian telt er niet minder dan 54.678!
Een van de manieren om die karakters te onthouden is ze te associëren aan pictografische beelden die hun betekenis illustreren.
De Chinese Rong Brand veranderde de Chinese namen van bekende bezienswaardigheden uit Beijing om ze levensecht te doen lijken!

Hieronder enkele voorbeelden…

Qianmen
Chinese naam:前门
Pinyin: Qianmen

De modernisering van Beijing en de constructie van de tweede metrolijn had het afbreken van de oude stadswallen voor gevolg. Gelukkig zijn vele poorten 门 gespaard gebleven, zoals de majestueuze Qianmen, de ‘Voorpoort’ van de Verboden Stad.
前 staat in de bovenste helft van de tekening, 门 staat onderaan.

Dazhong tempel
Chinese naam: 大钟寺
Pinyin: Da zhong si

Klokken zijn kenmerkend voor het oude Beijing. Deze tempel wordt de ‘Grote Klok Tempel’ genoemd.
Dit pictografisch beeld is heel speciaal omdat de karakters大 (groot)  en  寺  (tempel) zijn gebruikt om de klok te verbeelden; het karakter 钟 komt er niet in voor maar het geheel evoceert wel een klok!

Altaar des Hemels
Chinese naam: 天坛
Pinyin: Tiantan

Tiantan is een topattractie: het is de plaats waar de keizer, bemiddelaar tussen hemel en aarde, offers bracht en bad voor een goede oogst.
Bovenaan staat het karakter 天. Onderaan herkennen we het karakter 东 , het Oosten waarvan de betekenis voor mij niet duidelijk is, maar in het middelste deel staat duidelijk 坛, altaar.
Het geheel is heel gelijkend op het Altaar des Hemels!
Een meesterwerk van Chinese vernuftigheid!

 

Een nieuwe bibliotheek voor Tianjin

 

Sinds enkele weken, sinds  1 oktober om precies te zijn, heeft Tianjin er een nieuwe bibliotheek bij: de Tianjin Binhai Library.


Deze bibliotheek is merkwaardig: dit futuristisch gebouw van vijf verdiepingen, 33.700 m2 huist een schat van…1.2 miljoen boeken!


Het design is een samenwerking tussen de Nederlandse firma MVRDV en het Tianjin Urban Planning and Design Institute. De bibliotheek bezit een sferisch auditorium dat van beneden tot boven met boekenkasten is omgeven.


De bibliotheek is maar een deel van een groter plan om de stad te voorzien van een culturele wijk…

Zo zou het leven moeten zijn Mo Yan

Op We Chat viel ik onlangs op een artikel van Mo Yan, Nobelprijswinnaar literatuur. Ik wou het graag voor mijn lezers vertalen…

Zo zou het leven moeten zijn (een goede literaire compositie met diepgang!)

Mo Yan

Vele jaren geleden sprak ik met een vroegere schoolvriend. Zijn vrouw was toen onlangs overleden en hij vertelde mij dat hij, bij het opruimen van de spullen van zijn vrouw, een zijden sjaal had gevonden. Ze hadden die in een bekende winkel gekocht tijdens een reis naar New York. Het was een mooie, verfijnde sjaal van een goed gekend merk; het prijskaartje met de exorbitant hoge prijs hing er nog aan: zijn vrouw had hem nooit durven aandoen, ze wachtte op een speciale dag om hem in te luiden.
Mijn vriend stopte met spreken, ik verbrak de stilte niet.
Hij hernam het woord: “Je moet niet wachten op een speciale dag om mooie dingen te gebruiken, elke dag dat je leeft is een speciale dag.”

Nadien, telkens als ik aan die zin terugdacht, legde ik mijn bezigheden opzij, zocht een roman uit, zette mijn stereo aan, ging languit op de sofa liggen, en nam wat tijd voor mezelf.
Door de glazen terrasdeur genoot ik dan van het zicht van de rivier met haar fris water en trok me het stof op de ramen niet aan; soms trok ik mijn huisgenoten mee om uit te gaan eten zonder me te  bekommeren om de maaltijd die dan thuis werd klaargemaakt.
Het leven zou een ervaring moeten zijn die we koesteren en niet een opeenvolging van dagen die we moeten verduren.

Ik deelde die zinnen met een dame. Toen ik haar later weer ontmoette, vertelde ze me dat ze nu niet meer dezelfde is als vroeger en dat ze haar mooie porseleinen voorwerpen nu in het likeurkeldertje heeft gelegd. Vroeger dacht ook zij dat het porselein slechts bij speciale gelegenheden mocht worden gebruikt; nadien kwam ze tot de vaststelling dat die dag misschien nooit zou komen.
“In de toekomst” of nog “er komt vast een dag” behoren niet meer tot haar woordenschat. Indien iets waard is om blij om te zijn, indien ze op iets fier mag zijn, dan zal ze er nu naar luisteren, zal ze er nu naar kijken.

Vaak zouden we graag met oude vrienden samenkomen maar zeggen altijd “we zoeken naar een gelegenheid”.

Vaak zouden we graag een klein kind dat groot geworden is, in de armen nemen maar wachten altijd op de gepaste gelegenheid.

We zouden altijd een brief willen schrijven naar onze wederhelft om onze liefde te bewijzen, of om hem/haar te zeggen hoe we hem/haar bewonderen, maar telkens zeggen we tot onszelf dat het niet dringend is.

Eigenlijk zouden we iedere morgen, wanneer we de ogen openen, tot onszelf moeten zeggen dat dit een speciale dag is. Elke dag, elke minuut moet gekoesterd worden.

Om het in slagzinnen te zeggen:

Je moet dansen zoveel als je wil, want niemand kijkt naar jou.

Je moet iemand liefhebben zoveel je kunt, alsof je nooit zult gekwetst worden.

 

Zo zou het leven moeten zijn!   Mo Yan

树才  Diepe herfst

Stille herfst
die lijkt op een denker die het denken moe is.
Maar nog steeds in gedachten is verzonken,
met stil maar intens verdriet.

Schone herfst
die lijkt op een lammetje, ginds ver op het grasland.
Oprecht maar hulpeloos
en steeds meer voorovergebogen.

Het loof dwarrelt ritselend neer.
Treurzang … van een gebroken gitaar.
Het denken biedt weerstand aan die teloorgang,
het is een vorm van medelijden.

Gelukkig maar dat de herfst eraan komt,
ze lijkt op een menselijk lichaam,
maar raakt met ziel vervuld.

De herfst doet ons terugdenken aan feiten, aan woorden.
De bomen rillen en denken dat ze hun blaadjes zullen behouden,
maar in werkelijkheid worden ze, dag na dag,
kaal.

De herfst is een spiegel. Ik zet haar om
in bezinning en hul haar in een waas
om haar zielsgebed niet te zien.

Vertaling: Maud Thiery

Shu Cai 树才 , dichter in Peking

In Peking behoort de boekhandel Sanlian tot mijn favorieten. Heel centraal gelegen en met heerlijke eettentjes in de nabijheid. Na een van mijn talrijke foodie trips in de buurt ervan stapte ik Sanlian binnen, eerlijk gezegd omdat het buiten 40° was en de airco van de winkel er top is.

Toen ik daar in de boeken aan ’t snuffelen was, werd mijn aandacht getrokken naar een stapel dichtbundels van een voor mij onbekende dichter: Shu Cai. Ik bladerde doorheen de bundels en kocht een exemplaar omdat ik zijn poëzie heel toegankelijk vond…

Shu Cai werd drieënvijftig jaar geleden in de zuidelijke provincie Zhejiang geboren.
Dankzij zijn succesvol slagen van de gaokao, het beangstigend Chinees toelatingsexamen tot de universiteit, werd hij meteen aanvaard in het prestigieuze Instituut voor Vreemde Talen in de hoofdstad.
Hij verliet zijn dorp waar zijn vader de dubbele functie van dorpshoofd en directeur van de basisschool vervulde.
In die tijd (1983) was een treinreis een heel avontuur: een meer dan dertig uren durende rit van Hangzhou naar Beijing, niet te vergelijken met de zes uren HST nu!

 

Shu Cai’s grootste probleem toen was de taal: hij sprak geen Mandarijnenchinees, hij kende enkel het dialect van zijn district. Zelfs nu nog is zijn standaard Chinees minder goed dan zijn Frans, de taal die hij in het Instituut voor Vreemde Talen heeft geleerd!

 

De eerste gedichten die Shu Cai schreef hadden het over Madianqiao, een verkeerswisselaar waar hij jarenlang heeft geleefd. Hij keek naar de mensen, de auto’s, de fietsers die voorbijgingen, terugkwamen, opnieuw passeerden, verdwenen…een bron van inspiratie.
Toen Shu Cai universiteit liep, was werd hij bevriend met grote dichters als Duoduo en Beidao die deel uitmaakten van de Obscure Dichters. In het begin weigerden de grote officiële poëzietijdschriften hun gedichten te publiceren. Op het einde van de jaren 1970 was de poëtische doctrine immers nog steeds die van Mao Zedong: poëzie moest een perfecte match zijn van romantisme en revolutionaire geest. Duoduo en Beidao stelden hun wonden en hun boosheid tentoon. Hun werken leken veel op de westerse poëzie, op het symbolisme. Het Franse symbolisme heeft de Chinese poëzie sterk beïnvloed.

Na zijn afstuderen is Shu Cai in Peking blijven wonen en gaan werken in het ministerie voor Buitenlandse Handel.
In 1990 werd hij voor vier jaar als diplomaat naar Senegal gestuurd.
Na zijn terugkeer besloot hij zijn briljante carrière als diplomaat vaarwel te zeggen om zich volledig te kunnen wijden aan zijn poëzie.
Nu doet Shu Cai research over de Franse poëzie, het instituut waar hij werkt eist hem pas één dag per week op. De rest van de tijd organiseert hij poëziefestivals om een dialoog tussen de Chinese en de Franse poëzie te ontwikkelen.
Hoewel Shu Cai van het zuiden is, waar hij zijn familie regelmatig gaat bezoeken, houdt hij niet van het consumentisme, de drang naar comfort en het materialisme van zijn streekgenoten.
Hij verkiest de soberheid en de schamelheid van zijn adoptiestad, Peking, die hem veel meer inspireert…