Na een zoektocht van meer dan twee jaar naar een vertaling van de de eerste tekst van De Witte Slang door Feng Menglong (1574-1646) vond ik toevallig deze rariteit in een antiquariaat in Rouen.
Feng Menglongs (1574-1646) versie van De Witte Slang, getiteld De Witte Slangvrouw voor eeuwig onderdrukt onder de Leifengpagode, is een van de oudste en meest invloedrijke geschreven versies van deze legende.
Gepubliceerd in 1624 in de verzameling Jing Shi Tong Yan (Algemene waarschuwingen om de wereld te ontwaken), verschilt het van meer geromantiseerde moderne bewerkingen door zijn meer donkere en moralistische kijk op de verbintenis tussen mens en demon.
Hierbij een korte inhoud van de legende.
Hangzhou: op een regenachtige dag nabij Xihu (Westmeer) leent een jonge kruidendokter, Xu Xuan, zijn paraplu aan Bai Niangzi.
Ze is gehuld in een witte jurk en wordt vergezeld door haar dienstmeid Xiao Qing.
Xu Xuan wordt door haar betoverd en trouwt met haar. Hij weet echter niet dat ze in werkelijkheid een duizend jaar oude witte slang in menselijke gedaante is.
Het kalme leventje van Xu Xuan wordt al snel overhoop gehaald door een reeks juridische problemen, door Bai Niangzi uitgelokt.
Zo steelt ze bijvoorbeeld mooie kleren voor haar man, die ze hem doet dragen om naar een tempelfeest te gaan; men herkent er zijn kleren als gestolen.
Ook steelt ze geld uit kluizen om haar man te verwennen…
De arme Xu Xuan wordt verschillende keren gearresteerd en verbannen. Hij vervloekt zijn vrouw. Maar ze vindt hem steeds terug en weet hem telkens opnieuw te betoveren.
De boeddhistische monnik Fahai van de Jinshantempel ziet vaak een aura, een zwarte wolk rond Xu Xuan: dit geeft aan dat hij bezeten is of verleid wordt door een demon (de Witte Slang). Fahai waarschuwt Xu Xuan dat zijn vrouw zijn levensenergie aftapt en dat hij in levensgevaar is. De kruidendokter is doodsbang en zoekt bescherming bij Fahai om zich van de slang te bevrijden. Fahai geeft hem een aalmoeskom en zegt hem die op het hoofd van zijn vrouw te drukken.
Xu Xuan komt de kamer van zijn vrouw stiekem binnen, drukt razendsnel de kom op haar hoofd en drukt hem sterk neerwaarts waardoor ze volledig onder de kom verdwijnt. Kort daarop komt Fahai de kamer binnen, reciteert magische formules, heft de kom wat op en ontdekt een minivrouwtje met gesloten ogen. Bai Niangzi geeft de monnik toe dat ze een grote slang is en dat ze op Xu Xuan gevallen is bij het Westmeer.
Ze geeft ook toe dat ze de hemelse wetten heeft overtreden en smeekt om vergiffenis.
Fahai is onvermurwbaar: hij laat Xiao Qing (de groene slang) komen en doet de twee geesten naar hun primitieve slangenvorm terugkeren. Hij kort hun lengte in, steekt de twee slangetjes in een kom en begraaft de kom vóór de Leifengtempel.
Xu Xuan vergaart aalmoezen en besteedt het geld aan de oprichting van een pagode van zeven verdiepingen om de witte en de groene slang voorgoed te begraven.
Xu Xuan wordt monnik in de Leifeng tempel en een volgeling van Fahai.
Bij zijn overlijden enkele jaren later wordt een grafpagode voor hem gebouwd.
Ze bestaat nog steeds.

